|
Gemeente Groningen mag stadsduiven vangen en doden ter voorkoming van overlast
LJN: AY3913,Voorzieningenrechter Rechtbank Groningen, 87804 / KG ZA 06-236
Datum uitspraak: 14-07-2006
Datum publicatie: 14-07-2006
Rechtsgebied: Civiel overig
Soort procedure: Kort geding
Inhoudsindicatie: Vogelrichtlijn; art. 4 en 9 Flora- en faunawet. De gemeente
Groningen wil de stadsduivenpopulatie terugbrengen in verband met overlast. In de
afgelopen jaren is het aantal stadsduiven door bijvoedering verdrievoudigd tot thans
circa 6000. De dierenbescherming vordert in kort geding de gemeente Groningen te
verbieden stadsduiven te vangen en te doden. Zij stelt dat de stadsduif een beschermde
inheemse vogelsoort is en dat de gemeente in strijd met de geldende wet- en regelgeving
handelt. De voorzieningenrechter wijst de vordering af. Naar voorshands oordeel van de
voorzieningenrechter moet de stadsduif worden aangemerkt als "gedomesticeerd" en is het
op grond van de toepasselijke wet- en regelgeving geen beschermde vogel. Derhalve geen
sprake van onrechtmatig handelen jegens de dierenbescherming.
Uitspraak
Al met al is de voorzieningenrechter voorshands
van oordeel dat niet geconcludeerd kan worden dat de Gemeente door uitvoering te geven
aan haar besluit om op een drietal plaatsen in Groningen stadsduiven te vangen en
vervolgens te doden onrechtmatig handelt jegens de Dierenbescherming. De vorderingen
zullen dan ook worden afgewezen.
5.19. Gezien de overwegingen welke geleid hebben tot het voorlopig oordeel dat geen
sprake is van onrechtmatig handelen als door de Dierenbescherming gesteld, behoeft de
vraag of de Dierenbescherming -zijnde een rechtspersoon die zich statutair onder meer ten
doel stelt om dieren te beschermen en hun belangen te behartigen- in haar vordering kan
worden ontvangen geen bespreking nu de vordering hoe dan ook niet voor toewijzing in
aanmerking komt.
5.20. De Dierenbescherming zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten
worden veroordeeld
|